Sinterklaasgedicht: vijf tips voor een origineel gedicht

Ik zag dat het alweer een tijdje geleden is dat ik voor het laatst wat leuke schrijftips heb gepost. Dat komt mooi uit, want laten we nu net in de tijd van het jaar zijn aanbeland waarin de meeste mensen schrijven. En dan heb ik het natuurlijk over Het Sinterklaasgedicht! Voel jij ook al de druk om met een goed gedicht op de proppen te komen? Maar moet je het alleen nog even schrijven? Vreest niet: ik geef je mijn beste tips voor een origineel gedicht!

1 Kies een ander rijmschema

De meeste Sinterklaasgedichten worden geschreven in een vrij standaard rijmschema: ABCB of AABB. Probeer eens iets anders, bijvoorbeeld een ouderwetse limerick of een sonnet. Of, als degene voor wie je het gedicht schrijft echt kunstzinnig is aangelegd: leef je uit op een haiku. Of liever meerdere haiku’s, anders is het voorlezen wel erg snel klaar.

2 Schaam je niet voor het gebruik van een rijmwoordenboek

Ook ik schrijf mijn jaarlijkse Sinterklaasgedicht gewoon met een rijmwoordenboek erbij. Er zijn simpelweg teveel rijmwoorden waar ik uit mezelf niet op zou komen. Door het gebruik van een rijmwoordenboek kom je op ideeën die je zelf nooit zou hebben bedacht, en leg je links die je anders nooit zou hebben gelegd. Ik maak zelf graag gebruik van Rijmwoordenboek.nl. Het ziet er inmiddels nogal gedateerd uit, maar ik vind het heel fijn werken.

3 Parodieer een Sinterklaasliedje

Voor een vriendin die geregeld gedoe had met haar fiets, schreef ik eens een parodie op Zwarte Piet ging uit fietsen. Ik vind het nog steeds een van mijn best gelukte Sinterklaasgedichten. Doordat de melodie en het ritme al bekend zijn, slaat zo’n gedicht ook goed aan bij andere toehoorders en loop je minder kans dat je rijmsels al voorlezend worden verhaspeld.

8196631588_424448a5fd_o
4 Bereid je gedegen voor

Bij sommige van de vriendinnen met wie ik jaarlijks Sinterklaas vier, leeft het feest het gehele jaar door. Als iemand iets onhandigs doet of een grappige ervaring vertelt, wordt er al snel gezegd: ‘Pas op, Sinterklaas luistert mee!’ Van één vriendin doet zelfs het gerucht de ronde dat ze het hele jaar door aantekeningen maakt in een opschrijfboekje. Wiens lootje ze uiteindelijk ook trekt, ze heeft altijd genoeg materiaal om een leuk gedicht te schrijven.

5 Schrijf geen gedicht

Ja, je leest het goed. Schrijf eens geen gedicht, maar iets heel anders. Bijvoorbeeld een kort verhaal, een liedje, een komische brief of een script voor een sketch die ter plekke kan worden uitgevoerd. Dit is vooral leuk als je schrijft voor iemand met gevoel voor humor, die wel houdt van iets dat anders is dan anders. Of als je gewoon de pest hebt aan dat eeuwige gerijm.

Hopelijk heb ik je hiermee wat inspiratie kunnen schrijven voor een origineel Sinterklaasgedicht. Veel plezier met dichten, en maak er iets moois van!

Gastblog Aline: Schrijven, hobby of verplichting?

Ik vond onlangs weer een enorm leuke gastblog in mijn mail van collega-auteur Aline van Wijnen. Een gastblog die zo waar is, dat mijn naam eronder had kunnen staan. Ik denk dat iedereen die van schrijven het liefst z’n werk zou willen maken hiermee te maken krijgt. Hoe houd je er lol in? Aline zocht het uit. 

‘Elke dag. Ik schrijf elke dag, ik kan niet zonder,’ vertelde ik aan iedereen die het wilde horen na het verschijnen van mijn eerste boek. En daar was niks van gelogen. Mijn nieuwe roman, een schrijfdagboek, columns – van ‘s ochtends vroeg in de trein naar mijn werk tot ‘s avonds laat op bed typte ik ijverig zo snel en zo veel als ik maar kon. Een goede zin maakte mij blijer dan een winnend lot en een onverwachte wending in een verhaallijn bezorgde me meer plezier dan een diner in een exquise restaurant. In de pauze op kantoor, in het weekend, op vakantie – er moest geschreven worden. Zonder op z’n minst vierhonderd geschreven woorden per dag zou ik geen rust in mijn hoofd hebben, daar was ik wel zeker van.

‘Hoe gaat het met je hobby?’ vroeg mijn schoonheidsspecialiste tijdens het epileren van mijn wenkbrauwen. Met haar heb ik een speciale band. Zo’n iemand heeft je gezicht in haar macht tijdens een behandeling, je kan gewoon niet anders dan haar in vertrouwen nemen.

‘Mijn hobby? Schrijven zou je bedoelen? Ik weet het niet hoor, Syl, maar ik beschouw het als werk. Ik ben er altijd mee bezig.’

‘Altijd?’ Sylvia trok een vies gezicht terwijl ze stug doorging met plukken. Ik kreeg een niesaanval. ‘Als je hobby je werk wordt, vind je het niet meer leuk.’

Dit staaltje eigen mening liet ik onbeantwoord. Schrijven is het liefste wat ik doe, ik wil niets liever dan dat het mijn werk wordt, dacht ik onderweg naar huis. En het 24/7 schrijven ging door – altijd, overal en als het even niet op papier kon, schreef ik in ieder geval in mijn hoofd. Tot een paar weken geleden.

Een roman die ik aan het schrijven was, was bijna af. Een verhaal apart, moet ik erbij vertellen: nog nooit eerder heb ik erbij stilgestaan of iemand op een verhaal van mij zat te wachten. Nu wel. Dat maakt het nu moeilijk en bijzonder. Vooral moeilijk. Of vooral bijzonder? Hoe dan ook, in mijn hoofd was de eerste versie al geschreven en het laatste deel op papier zetten kostte me moeite. Alsof de woordenstroom die ik altijd had (mijn hand kon mijn hersenen nauwelijks bijhouden) was opgehouden en het schrijven als verplicht aanvoelde. Het moest niet gekker worden: ik was het schrijven moe! Heb ik drie jaar achter elkaar mijn hele ziel in woorden gestopt om uiteindelijk een afkeer te krijgen voor het schrijven? Had mijn schoonheidsspecialiste toch gelijk?

Een wake-up call. Nadenken moest ik. Nadenken over hoe het allemaal begon. Over het plezier dat ik uit het schrijven putte toen ik nog niet aan de commercie dacht. Of aan de meningen. Toen ik meer boeken las dan schreef. Toen ik elke dag de tijd nam om te sporten in plaats van alle avonden doorbrengen achter de pc. Terug naar af moest ik, terug naar het begin.

En zo geschiedde. Ik stopte met me druk maken over het woordenaantal. Ging weer sporten. Lastte een extra leesuur in – ten koste van mijn schrijftijd. Ik liet het schrijven los en kreeg ruimte in mijn hoofd. En het vreemde was, dat die lege ruimte een broedplaats werd voor nieuwe ideeën. Zoals vroeger. Met hetzelfde heerlijke gevoel van losbarstende creativiteit, verrassende invallen en tevredenheid over dat alles. Het schrijven werd weer leuk. Meer een hobby, minder een verplichting.

De volgende keer dat mijn schoonheidsspecialiste vraagt hoe het met mijn hobby is, zeg ik volmondig goed. Schrijven is leuk, schrijven is ontspannend, schrijven is geen verplichting. Schrijven is mijn hobby. En het heeft wat tijd gekost om daarachter te komen.

tumblr_ogaa2fbu2d1teue7jo1_1280

De vloek van het tweede boek

Nu ik Switch zelf heb uitgebracht, mag ik van mezelf eindelijk zeggen dat ik met mijn derde boek bezig ben. Dat klinkt heerlijk. Mijn derde boek! Wat een opluchting!

Lezers die geen ervaring hebben met het schrijven van boeken, klinkt dit misschien wat vreemd in de oren. Maar onder schrijvers is het een vrij bekend fenomeen dat het schrijven van een tweede boek een lastige opgave is. Er is zelfs een naam voor: second novel syndrome of second novel curse. 

Het fenomeen wordt steeds een beetje anders uitgelegd, afhankelijk van wie het vertelt, maar het komt allemaal op hetzelfde neer: het schrijven van een tweede boek is veel lastiger dan het schrijven van een eerste boek. In de eerste plaats heeft dat te maken met vrijblijvendheid: bij het schrijven van een tweede boek is het schrijven niet meer vrijblijvend. Je hebt te maken met lezers en misschien met een uitgever of agent. En dat betekent dat je te maken hebt met verwachtingen.

Als je eerste boek succesvol was, is de verwachting – of in elk geval de hoop – dat je nog zoiets uit je mouw schudt. Als je eerste boek een beetje is tegengevallen, wordt er gehoopt dat je met je tweede boek meer succes zult oogsten. En niet in de laatste plaats is er die verwachting die je van jezelf hebt. De verwachting dat je nu schrijver bent, en dat je dus nog een boek kunt schrijven.

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Pas als je bezig bent, besef je weer hoe moeilijk het eigenlijk is om een boek te schrijven. En dat het gewoon heel veel werk is. Heel veel uren achter de computer. Dat was je voor het gemak even vergeten. Aan een boek beginnen is één ding, het ook daadwerkelijk afmaken is iets heel anders. Zeker nu je weet dat er mensen zullen zijn die een mening over dit boek zullen hebben, net zoals ze die hadden over het eerste boek. Het kan heel lastig zijn om al die eventuele meningen tijdens het schrijven terzijde te schuiven.

Maar verwachtingen en geploeter zijn volgens mij niet het hele verhaal. Tijdens mijn zoektocht naar meer informatie over het second novel syndrome kwam ik nog een andere theorie tegen. Deze is van Stephen Fry, en ik vind ‘m prachtig:

The problem with a second novel is that it takes almost no time to write compared with a first novel. If I write my first novel in a month at the age of 23, and my second novel takes me two years, which have I written more quickly? The second of course.
The first took 23 years, and contains all the experience, pain, stored-up artistry, anger, love, hope, comic invention and despair of that lifetime. The second is an act of professional writing. That is why it is so much more difficult.

Daar heb ik niks meer aan toe te voegen. Dit gaat namelijk altijd op, hoe succesvol of onsuccesvol je eerste boek ook geweest is. Je eerste boek blijft je eerste boek: die bijzondere poging om alles wat je tot dan toe geleerd hebt, zowel op schrijfgebied als op algemeen leefgebied, in een boek te verwerken. Een boek dat andere mensen vervolgens echt gaan lezen, ook nog eens. Dat is niet niks.

Maar één ding weet ik nu ook: als je gewoon gaat zitten en doorwerkt, is dat tweede boek er op een gegeven moment. Ook als je het daarna anderhalf jaar laat liggen en het uiteindelijk zelf uitgeeft, zoals ik heb gedaan. Hoe het ook tot stand is gekomen: het is er nu. De hobbel van het tweede boek is genomen. En eindelijk heb ik het gevoel dat ik écht klaar ben om aan iets nieuws te beginnen, zonder losse eindjes waar ik nog iets mee moet. En dat is een heel fijn gevoel.

Switch is verschenen!

Hoera! Dit weekend werd eindelijk die felbegeerde doos met boeken bezorgd: de door mij bestelde exemplaren van mijn boek Switch! Dat betekent dat het boek nu leverbaar is en ook door jullie kan worden besteld. Het is nog niet overal zichtbaar, maar je kunt het in ieder geval hier bestellen.

Je kunt kiezen uit twee versies: paperback of e-book. De paperback kost € 18,95, het e-book kost € 3,99. Als je de paperback bestelt, wordt deze speciaal voor jou gedrukt. Dat duurt een paar werkdagen, maar dan heb je ook een boek dat speciaal voor jou is gemaakt!

En wat was het weer fijn om mijn eigen boek in handen te houden. Er is een heel proces voorafgegaan aan de publicatie van Switch, en daarom ben ik nu extra blij dat het boek er is. Ik hoop dat ook jullie er allemaal van zullen genieten!

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Switch: van manuscript naar boek + voorpublicatie

Ik zal niet beweren dat het zelf uitgeven van een boek iets was daarvan ik dacht: doe ik effe. Maar toegegeven, misschien dacht ik toch wel een heel klein beetje zoiets. Ik had al een titel, een manuscript, een website en een auteursfoto, hoeveel werk kon het verder nou helemaal zijn? Nou, je raadt het al: toch nog best veel!

Het uitgeven is gelukkig wel een enorm leuk proces waarvan ik weer een heleboel leer, dus je hoort mij niet klagen. Ik vind ook het superfijn dat ik nu de tijd heb om dit echt goed aan te pakken. In dit artikel vertel ik jullie wat er zoal moet gebeuren om van het manuscript Switch een echt boek te maken.

NB: ik werk met Brave New Books, en dit is een verslag van hoe het bij deze aanbieder in z’n werk gaat. Waarschijnlijk gaat het bij andere aanbieders weer net anders.

Publicatie info: decisions, decisions…
Het begint allemaal heel makkelijk: je vult de titel van je boek in en je naam. Maar daarna is het natuurlijk ook de bedoeling dat je iets meer over jezelf vertelt; hiervoor is het vak Over de auteur in het leven geroepen. Vervolgens moet je het formaat van je boek kiezen, de papiersoort en of je de kaft mat of glanzend wilt hebben. Grote beslissingen dus, die bepalen hoe je boek eruit komt te zien. Ik schreef de auteursinfo en de info over het boek eerst in een los bestand. Zo kon ik er rustig over nadenken zonder de druk te voelen van ‘ik moet hier nu iets invullen’. Bovendien is het natuurlijk heel handig om alle informatie bij elkaar te hebben in één bestand.

Het binnenwerk: kopiëren, plakken en controleren
Als je het formaat van je boek bepaald hebt, kun je een Word-sjabloon downloaden voor het binnenwerk. Hierin kun je je manuscript invoeren. Omdat ik zowel een paperback als een e-book uitgeef, moet ik het invoerwerk voor elke versie apart doen. En dat is dus geen kwestie van: alles selecteren en plakken. Als je wilt dat het binnenwerk er tiptop uitziet, kun je het best elk hoofdstuk apart kopiëren en plakken zonder de oude opmaak mee te nemen. Daarna moet je elk hoofdstuk controleren en waar nodig opnieuw opmaken. Ook kun je dan meteen controleren of alles mooi op de pagina staat en of er geen rare afbrekingen zijn.

Omslag ontwerpen: klinkt heel easy… 
… maar dat is het natuurlijk niet! In eerste instantie ging ik aan de slag met de omslag-ontwerper op de website van Brave New Books, maar echt warm werd ik niet van mijn ontwerp. Gelukkig bood Berend die avond aan om een omslag te ontwerpen. Daar is hij nu mee bezig, en het wordt mooier en mooier. Ik ben echt enorm blij met hoe het eruit komt te zien en hij vindt het zelf gelukkig ook erg leuk om te doen. Als het omslag af is, gaan we het uploaden op de website en een proefexemplaar van de paperback bestellen, om zeker te weten dat het omslag er in het echt net zo mooi uitziet als op het scherm. Er is ook nog een proefexemplaar onderweg van de vorige, door mij ontworpen versie. Dat is straks een collector’s item!

Berend is druk bezig met het ontwerpen van het omslag.

Berend is druk bezig met het ontwerpen van het omslag.

Een mock-up van het omslag. Dat ziet er opeens al heel echt uit!

Een mock-up van het omslag. Dat ziet er opeens al heel echt uit!

Na de publicatie: plannetje maken
Als alles loopt zoals ik het nu in gedachten heb, is er in de eerste week van oktober een echt boek, met een papieren versie een een e-book versie. Dan begint er een nieuwe fase, waarin ik moet zorgen dat zoveel mogelijk mensen weten dat Switch er is. Voor die fase ga ik deze week alvast een plan maken. Wie ga ik allemaal op de hoogte stellen, en op welke manier ga ik dat doen? Ga ik recensie- en presentexemplaren versturen, en zo ja, naar wie? Hoeveel auteursexemplaren bestel ik? Dat zijn allemaal dingen om goed over na te denken. Zo kan ik meteen in actie komen als Switch er is.

Vertraging maar… een voorpublicatie!
Ik had natuurlijk eigenlijk beloofd dat Switch in september zou verschijnen, en zoals het er nu uitziet, gaat dat net niet lukken. Maar ik geef liever iets later een boek uit dat helemaal goed is, dan dat ik dingen ga overhaasten. Wel licht ik alvast een tipje van de sluier op: je kunt nu alvast de eerste twee hoofdstukken lezen! Veel leesplezier, en laat me weten wat je ervan vindt!

1 2 3 38