Bootcamp week 2: show-don’t-tell, haiku’s en tijdgebrek

Toen ik mijn vorige blog schreef, zag ik het al aankomen: de tweede bootcamp-week zou een hele drukke worden. En dat klopte. Gelukkig heb ik bijna al mijn schrijfopdrachten toch kunnen doen, op één na. Die bewaar ik voor een andere keer, of misschien kom ik er deze week wel aan toe. Ook zonder die ene opdracht merk ik dat mijn schrijven vooruit gaat, dat ik wat meer buiten de box begin te denken en dat ik wat scherper formuleer. Dat was precies de bedoeling!

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Show, don’t tell

De afgelopen week stond vooral in het teken van showing. Als de tegenhanger van telling, zeg maar. De meeste schrijvers wéten wel dat je verhaal boeiender wordt als je dingen laat zien in plaats van alles te benoemen (bijvoorbeeld: ‘een stille traan liep langs haar wang’ in plaats van ‘ze was verdrietig’). Maar het is niet altijd makkelijk om dit in de praktijk te brengen.

Tijd om hiermee te gaan oefenen dus, want showing maakt een verhaal écht veel sterker. Bij de eerste oefening, toen ik op zoek moest naar voorbeelden van telling in een eerder geschreven fragment, merkte ik gelukkig dat ik al veel gebruik maak van showing en weinig van telling. En de paar keer dat ik toch aan het vertellen was, kon ik dit vrij makkelijk ombuigen.

De oefeningen die daarop volgden waren wat pittiger. Probeer bijvoorbeeld maar eens een plek te beschrijven door de ogen van een blinde hoofdpersoon! Opeens moet je dan heel actief andere zintuigen gaan inzetten. Je moet vindingrijker zijn en je beschrijving wordt minder gemakzuchtig. Nog iets lastiger was het beschrijven van een personage dat een sterke emotie beleeft, terwijl je alleen maar lichaamstaal mag gebruiken. Dat is showing op z’n best.

Haiku en senryu

En toen moest ik ook nog een gedicht gaan schrijven! Een haiku om precies te zijn, of eigenlijk een senryu, de psychologische variant van de haiku, die niet over de natuur gaat maar over de mens. De senryu kent dezelfde structuur als de haiku: vijf lettergrepen, zeven lettergrepen, vijf lettergrepen. Ik had me hier nooit eerder mee beziggehouden, omdat ik er doorgaans niet van houd om te worden beperkt door dat soort regeltjes. Maar nu moest ik wel…

En guess what: toen ik de smaak eenmaal te pakken had, vond ik het superleuk! De vaste structuur van de haiku/senryu dwingt je om heel kernachtig en scherp te formuleren wat je wilt zeggen, en dat is echt een uitdaging voor mij. Het resultaat is een klein en eenvoudig tekstje, dat toch heel veelzeggend kan zijn. Als een schetsje. Ik heb altijd willen kunnen tekenen omdat je dan overal en nergens kunt gaan zitten schetsen. Met schrijven kon dat niet, dacht ik. Maar deze week besefte ik dat je wél overal en nergens een haiku of een senryu kunt gaan zitten schrijven. Het kan tenslotte over van alles gaan.

Het moment waarop ik dit schrijf, laat zich bijvoorbeeld ver-haiku’en als:
De poes op mijn schoot
dwingt me om scheef te typen
Maar ze spint zo lief. 

Afgelopen vrijdag in dichtvorm:
Ik ben moe vandaag
Maar ik heb altijd nog puf
voor een bord eten.

Een wat meer serieuze senryu:
Als het aan mij lag
had niemand ooit nog verdriet

Ik voel het voor hen. 

Ik heb echt het gevoel dat ik nieuw speelgoed heb gevonden. Veel leuker dan een nieuw spelletje op mijn telefoon, ook nog.

De komende week is alweer de laatste week bootcamp, en ik ben heel benieuwd wat er allemaal nog aan bod zal komen. Ik hoop dat ik iets meer tijd voor de opdrachten zal hebben, maar zo niet, dan ga ik volgende week gewoon nog even lekker door!

Leave a Reply

CommentLuv badge