Mijn NaNoWriMo 2015

Het is onverbiddelijk 1 december. NaNoWriMo, de internationale schrijfmaand, is officieel voorbij. Een maand geleden begon ik er vol goede moed aan, wetende dat het eigenlijk een onmogelijk opgave was. En nu zijn jullie natuurlijk allemaal benieuwd hoe het gegaan is. En hoe vaak Phil Collins nog is langsgekomen om Against All Odds voor me te zingen… Hoe dan ook: tijd voor een verslag!

Week 1: alles is nog mogelijk
Op 1 november kroop ik opgetogen achter mijn laptop. Eindelijk kon ik het idee gaan uitwerken waar ik al minstens een week mee in mijn hoofd liep. Het schrijven ging lekker en voor ik het wist, had ik 2600 woorden op papier staan. Een goeie start! At this rate you will finish on November 19 wist de NaNo-website mij te vertellen. Dat is natuurlijk altijd leuk om te horen, maar ik wist wat voor week er nog in het verschiet lag. Het lukte me wel om hier en daar een paar honderd woorden te tikken, maar tegen het eind van de week lag ik toch duizenden woorden achter. Toch zag ik het nog niet zo somber in. Het was pas de eerste week. Die achterstand kon ik nog makkelijk inlopen. Toch?

Week 2: dan moet ik nu wel zo’n beetje in actie komen
Week 2 staat binnen NaNoWriMo bekend als hell week: de week waarin je je verhaal en je personages opeens spuugzat bent. Daar had ik gelukkig geen last van, om de simpele reden dat ik nog niet genoeg tijd met mijn personages had doorgebracht om ze nu al te haten. Het schrijven ging lekker, maar van een inhaalslag was geen sprake. Ik besefte dat ik eigenlijk ook geen zin had om nu als een malle woorden te gaan produceren. Dat was niet wat dit verhaal nodig had. Dit verhaal verdiende wat meer behoedzaamheid. Er kwam iets nieuws van de grond, iets wat ik nog niet kende van mezelf. Ik kon niet terugvallen op mijn routine… en dat wilde ik ook eigenlijk niet.

Week 3: mijn arme personages
In week 3 begon ik een beetje medelijden met mijn personages te krijgen. Was ik in week 2 nog wel met ze bezig, nu liet ik ze echt even helemaal in de steek. Een griepje en heleboel afspraken gooiden roet in het eten. Het leek erop dat mijn NaNo-poging zou blijven steken bij een treurige 11.000 woorden. Dat was niet waar ik op had gehoopt, maar wel wat ik realistisch gezien had kunnen verwachten.

Week 4: het is nog niet voorbij
Ik vond het té lullig om mijn personages zo te laten bungelen, en bovendien was ik benieuwd naar hoe het verder zou gaan met ze. Dus ook al was alle kans op het halen van de 50.000 woorden verkeken, in de vierde week van NaNoWriMo schreef ik toch nog even verder. Geen eindsprint, gewoon weer een paar hoofdstukken. En dat zal ik blijven doen. Want ook al heb ik het doel in de verste verte niet gehaald, het was toch een vruchtbare schrijfmaand voor me. NaNo gaf me het duwtje dat ik nodig had om met iets heel nieuws te beginnen. En omdat ik van tevoren helemaal niets heb uitgewerkt, ben ik zelf ook heel benieuwd hoe het verder zal gaan met mijn verhaal. Er is maar één manier om daar achter te komen: gewoon doorgaan. Want eigenlijk is het natuurlijk elke maand schrijfmaand!

NaNoWriMo makes me do it

Oh-oh. Dit is niet handig. Dit is niet de goeie timing. Dit is een onmogelijk, gedoemd-tot-mislukken plan. En toch wil ik het. NaNoWriMo roept mij. Ik wil weer meedoen. En, belangrijker: ik wil eindelijk weer eens winnen. Ik wil die 50.000 woorden hebben geschreven wanneer 30 november zich aandient.

Even voor degenen die niet bekend zijn met het fenomeen dat NaNoWriMo heet: deze maffe afkorting staat voor National Novel Writing Month en wordt in de volksmond ook wel simpelweg afgekort tot NaNo. Het is begonnen in Amerika, maar inmiddels schrijft ieder jaar november zo’n beetje de hele wereld mee. Er zijn slechts een paar regels. Hoe geïnspireerd je ook bent, je mag pas beginnen met schrijven op 1 november 0:00. Officieel is het de bedoeling dat je begint met een geheel nieuw verhaal. Je hebt de hele maand november de tijd om 50.000 woorden te schrijven. Als dat je lukt, heb je gewonnen. Hoe crappy je het resultaat zelf misschien ook vindt.

NaNo is gekkenwerk en het is heerlijk. Het is schrijven op de meest vreemde tijden, doorgaan tot er dingen uit komen rollen die je zelf niet voor mogelijk had gehouden, het volledig buitenspel zetten van je innerlijke criticus, een beetje gek worden en daardoor supercreatief. Er zijn momenten dat je het schrijven haat en er zijn momenten van totale euforie. NaNo is de beste manier om je schrijfspieren los te maken. En aangezien ik nog steeds in een experimentele fase zit omdat ik me een beetje wil losmaken van de chicklit, komt het voor mij als geroepen.

nanowinner

Maar het is natuurlijk niet voor niets dat ik maar één keer gewonnen heb, en dat dat was toen ik nog studeerde. Alle keren daarna had ik een baan en faalde ik hopeloos. Omdat ik gewoon niet de tijd en de energie had om zoveel te schrijven. Want hoe leuk het ook is, 50.000 woorden schrijven in een maand is ook weer geen kattenpis. En dit jaar heb ik zelfs nog minder tijd dan die andere jaren. Het idee dat ik het dit jaar wel zou halen is dus nogal against all odds (ben ik trouwens de enige die nu meteen Phil Collins hoort in gedachten? Alsof er een bandje aangaat in mijn hoofd!).

En toch wil ik het. NaNo blijft aan me knagen. Ik heb al een idee voor een verhaal. En ik heb ontzettend veel zin om te zien hoe dat verhaal zich gaat ontwikkelen als ik het z’n gang laat gaan. Dus ja, ik ga het gewoon proberen, kansloos of niet. Ik houd jullie op de hoogte! En ja, ik zal het ook eerlijk zeggen als ik faal. Zo ben ik dan ook wel weer.